Jouw top 3 van blij met je paard-momenten?

Wanneer ben jij blij bij je paard? Natuurlijk zijn er ook van die momenten dat je denkt “Bweeeh…”. Maar wat zijn eigenlijk jouw top 3 hoogtepunten in de tijd die je doorbrengt met je paard? De echt waardevolste momenten, die je eigenlijk zou moeten opslaan in je hoofd, zodat je ze kunt visualiseren op die beruchte bweh-dagen?

Ik bedacht mijn eigen ‘top 3 blij met je paard’ mijlpalen. Nummer 1 is er een die ik me afgelopen zomer realiseerde. Over de tweede moest ik even nadenken. De derde vond ik lastig. Die is dan ook de meest abstracte van het drietal. Toch is die laatste grappig genoeg van het soort die overkoepelend altijd geldt.

Nummer 1: bij de paarden in het land

top-3-in-weilandEen zomerliefhebber was ik altijd al, en al helemaal sinds ik een paard heb. Dat wil zeggen: de zomerdagen waarop je niet stikt van de hitte en -zelfs als avondmens- ‘s ochtends al op je paard probeert te zitten. Waarop je alles doet om die zweterige benauwdigheid maar te voorkomen. Nee, liever van die lekkere zonnige warme t-shirt-dagen met een verkoelend fris briesje. Op van die dagen zet ik de paarden in het land. Die koppies gaan meteen naar beneden, naar het gras. Soms nog even een holletje naar een plek waar het gras er net wat lekkerder uitziet. Of groener, blijkbaar toch iets natuurlijks… En dan kan je het draad of het hek achter je dichtdoen en weggaan. Op naar de volgende klus, op stal of thuis.

Maar ultiem is gewoon nog even blijven. Even meegenieten van die rust, de malende paardenkaken. Genieten van het hapje-stapje, zoals mijn overleden verderop-buurman-boer het noemde. Even je paard observeren. Ze kijkt op, hoort iets. Kijkt star in de verte, beweegt niet en stopt met ademen. Al snel weer overtuigd dat er geen gevaar dreigt laat ze een zucht, ontspant zichtbaar haar spieren en direct gaat dat hoofd weer omlaag richting gras. Dan kuier ik een beetje rond om die paarden, een aai, het schrikdraad een stukje verder zetten voor een nieuwe strook gras binnen graasbereik. Een niemandsland waar volmaakte rust heerst en niets hoeft. Gek dat het me zo’n 30 jaar paardhouden kostte om me te realiseren: dit is mijn nummer 1.

Nummer 2: de volmaakte rit

top-3-rit-78093_1280Een volmaakte rit, ok, maar wat is dat dan? Het kan zoveel zijn: een rit waarop je je geduld kunt bewaren en kunt afwachten tijdens het losrijden totdat die vierbenige onder je warmgedraaid en lekker los is en je ècht aan de gang gaat. Een rit zonder schrikeffecten van rondrijdende trekkers in de hooiseizoenen, gewoon ontspannen controle. Maar het kan net zo goed trainen in de bak zijn met je paard die op je kleinste hulp reageert. Zelfs een enthousiast bokje, soms zelfs met jippie-piep, kan bijdragen aan deze categorie. Voor mij: zo’n buitenrit door de avondzon waarop ik wonderbaarlijk genoeg geen andere ruiters tegenkom, terwijl er toch volop paarden in de omgeving staan. Zo’n rit met een stevige galop waarop ik nog een tandje harder aanzet en uiteindelijk m’n paard wat moet inhouden omdat die ‘dacht te horen’ dat ik nog harder wilde, de grapjas. En dan terug naar huis, het laatste stukje stappend zoals ik ooit als kind in de ‘Hoe rijd ik goed paard’ boeken al leerde: “De laatste 10 minuten van de buitenrit stappen we terug naar huis om het paard op adem te laten komen”. Als afronding van de (min of meer) volmaakte rit afzadelen, hoofdstel uit, paard het zand op duwen die daar direct met een voldane plof door z’n knieën gaat en z’n warme lichaam tot een gepaneerd schnitzel-type paard transformeert. En dan het gevoel: volmaakte rit!

Nummer 3: ‘eigen paard’

Wie droomde er als paardenmeisje of -jongen niet van een eigen paard. Op de manege transformeerde ik na een aantal jaren tot deel van het meubilair, wat wilde zeggen dat ik er elke dag was en jarenlang vaste taken deed: poetsen, opzadelen, voeren, uitmesten. Mocht ik soms zelfs een lesje geven en mijn revaliderende lievelingspaard langdurig rijdend opbouwen: toch bleef het ultieme doel het ‘eigen paard’.

Jaren later was het zover en kocht ik mijn eerste eigen paard. En ook na zoveel jaar kun je soms nog steeds quasi-nonchalant zeggen ‘ ja die van mij, die …’ waarna zo’n typische eigenschap komt, of in een winkel ‘ik heb dat-en-dat nodig voor mijn paard’. Soms hoor ik het mezelf zeggen, en denk dan ‘dat wat ik altijd wilde, heb ik nu’. Een eigen paard, zoals eens paardenvriendin het eens omschreef als: je legt er geld voor neer en het loopt vervolgens aan het touwtje achter je aan de trailer in en dan is dat levende wezen ‘van jou’, hoe bizar.

Ben je er nog, na deze lange blog?
Vertel eens: wat is jouw ‘top 3 van blij met je paard-momenten’?

reacties

Comments

  1. Door Frederiek

    Beantwoorden

  2. Door HippoLogic

    Beantwoorden

Wat vind jij?